LEDEN AAN HET WOORD: IRENE WONDERS
Samen zorgdragen voor de natuur en voor elkaar
12 februari 2026 – Gemeenschappen vormen waarin we oog hebben voor elkaar; Irene Wonders is zich meer dan ooit bewust van het belang daarvan. Een gemeenschap waarin mensen zich om elkaar bekommeren, elkaar ontmoeten en tradities levend houden. Daarin ziet zij de praktijk van barmhartigheid, voor je medemens maar ook voor de natuur. Deze waarden vindt Irene bij het Voedselbos in Waspik, waar ze sinds haar pensionering met hart en ziel vrijwilliger is.
Door Marjo Brenters
‘Ik was daar zo enorm welkom, nog ongeacht wat ik kwam brengen,’ vertelt Irene Wonders. ‘Het was en is een warm bad. Ik hoorde er meteen bij. Naast de zorg voor het voedselbos organiseren we allerlei activiteiten, ook voor kinderen. Er is een open vizier voor wat nodig is en er wordt geluisterd en gekeken naar wat de natuur en de ander nodig heeft. Ik vind dat zó belangrijk, zeker in deze tijd.’
Schemering
‘Echt luisteren, dat heb ik misschien pas voor het eerst ervaren toen ik dertig jaar geleden in contact kwam met de Beweging van Barmhartigheid, geeft Irene aan. ‘Ik werkte als fysiotherapeut en zat op dat moment niet lekker in m’n werk. Ik mocht een cursus gaan volgen die me nieuwe inspiratie zou kunnen geven. Dat werd mijn eerste retraite ooit, bij ZIN in Vught. Wim Verschuren en Lenette Schuijt waren de begeleiders, en ik herinner me nog goed de kennismaking met Wim. We hadden een gesprekje vooraf, het werd al een beetje donker, en hij vroeg: zal ik het licht aandoen of blijven we in het donker?
Dat zinnetje tekende hem, hij had zo’n bijzondere aandacht voor zijn omgeving en de mensen met wie hij te maken had. We bleven lekker in de schemering zitten. Ik vertelde hem over mijn jeugd met een manisch-depressieve vader. Het was niet de eerste keer dat ik dit met iemand deelde, maar zijn kwaliteit van luisteren was zo helend. Ik voelde me echt gehoord en gezien.’
De vonk voor de ander komt voort uit de stilte in jezelf
Na die retraite verdiepte Irene zich in mindfulness, lichaamsbewustwording en de meer mentale kant van fysiotherapie. Binnen haar werk kreeg ze het voor elkaar om die aspecten te integreren in behandelingen, waardoor haar werk zich kon verdiepen. Intussen bleef ze op de zondagen meedoen aan de meditaties met beweging die destijds bij Zin gegeven werden. Het heeft haar diep geraakt hoezeer aandacht, aanwezigheid en dienstbaarheid de bedding ondersteunden, waardoor zij zich als deelnemer altijd welkom voelde. ‘We voerden ook gesprekken over het geloof, in alle warmte en openheid. “Je kunt je bron niet ontkennen,” zei Wim altijd.’
Actualiteit van de natuur
Gesproken over die bron komt Irene vanzelf weer terug op haar band met de natuur, inclusief het heelal en de oceanen. De kringloop, de veerkracht en ook wat zij de actualiteit van de natuur noemt, zijn voor haar heel inspirerend. ‘De natuur is er gewoon en gaat altijd door, hoe wij mensen er ook mee omgaan. Dat is een mysterie waar ik ontzag voor heb.’
Haar geloof past niet zozeer bij een kerk of een religie, maar Irene is ervan overtuigd dat God in ieder mens huist. De vonk voor de ander komt voort uit de stilte in jezelf, stelt ze. Je moet dus op zoek naar die stilte, die als krachtbron fungeert. En die vind je meestal ergens in je buik en in je hart, lacht ze, terwijl ze beide even aanraakt.
De ontwikkeling van het Voedselbos gaat heel organisch, iedereen staat open voor ideeën. Dat is voor mij de praktijk van barmhartigheid, voor de natuur en voor elkaar.
Irene is iets eerder met pensioen gegaan omdat ze wist dat er meer in haar huisde dan voornamelijk werken volgens regels en protocollen. De natuur trok, en thema’s als duurzaamheid en biodiversiteit raakten voor haar een dringende noodzaak. ‘Daar wilde ik graag een bijdrage aan leveren, hoe klein misschien ook. De manier van werken en samenwerken in het Voedselbos inspireert me. Iedereen brengt zijn eigen kennis en kunde mee. De groei en ontwikkeling gaan heel organisch, iedereen staat open voor ideeën en we proberen veel uit.
We observeren en reflecteren op wat werkt en wat niet werkt. Dat is voor mij de praktijk van barmhartigheid, voor de natuur en voor elkaar. De communicatie is eenvoudig en eerlijk, en er wordt zonder poespas voor elkaar gezorgd.’
Mank schaap
Er is een samenwerking met de HAS in Den Bosch. En er zijn al nesten met uilen gezien, valken, een spotvogel, vosjes en reeën en allerlei insectensoorten. Een schaapskudde heeft zes maanden in het bos rondgescharreld om te kijken wat dat zou opleveren. Irene houdt erg van dat soort experimenten, het creëert een openheid om nieuwe mogelijkheden te ontdekken. Het ontroerde haar erachter te komen dat een mank schaap bij de kudde wil blijven, zodat het ingebed blijft. ‘Dat staat voor zoveel meer,’ vindt ze.
Ontwapenend
Irene zorgt al jaren elke maandag voor de drie kinderen van haar nichtje, wat ze een grote rijkdom noemt. ‘Ik ben een Nomo,’ lacht ze, ‘een No-mother. Het is er simpelweg niet van gekomen om kinderen te krijgen. Mijn man en ik kwamen elkaar te laat tegen. Het verschil met moeders vind ik heel groot, ik moet mijn levenspad nog meer zelf invulling geven. Dat is mooi gelukt vind ik, al is het soms nog wel een gevoelige plek. Die kleintjes geven ons zoveel: openheid, plezier en het besef van een grote verantwoordelijkheid. Ze moeten zich veilig kunnen voelen, dat vind ik heel belangrijk. Ze zijn zó ontwapenend, heerlijk!’ Creativiteit en kunst zijn een vanzelfsprekende stroom in Irene’s leven. Ook daarin werkt ze zoveel mogelijk met natuurlijke materialen en inkten die ze zelf maakt.
Vooral textiel en wol interesseren me, alles vanuit de bron; het schaap
‘Ik maak graag iets van wat voorhanden is, wat ik vind in het bos of waar dan ook. Maar vooral textiel en wol interesseren me, alles vanuit de bron; het schaap. Garen spinnen, wol verven, vilten, ik doe het heel graag. Intussen leer ik veel over schapen; wat voor voeding krijgen ze, waar grazen ze, hoe worden ze verzorgd en wat doet dat met de kwaliteit van hun wol?

Schapenboeren kunnen hun wol moeilijk kwijt vanwege de hoge kosten aan onderhoud. Vaak worden de vachten naar de stort gebracht. Er is gelukkig een herwaardering voor wol in Nederland omdat het zo’n mooi duurzaam product is. De gezondheid van het dier vind je terug in de kwaliteit van de wol.’
Kimono – voorbeeld van ‘kleine goedheid’
De afgelopen zomer maakte Irene samen met haar schoonzusje een prachtige kimono, vanaf de bron – zes schapen – tot aan de muur. Ware kunst – en voor Irene een voorbeeld van ‘kleine goedheid’: samen iets scheppen, naar elkaar luisteren en elkaar inspireren, tot er iets ontstaat wat je niet had kunnen bedenken. ‘Alles werkt mee als je gefocust blijft,’ vindt ze.
Meer informatie:




Reageren?
Ongepaste reacties worden verwijderd(E-mail adres wordt niet gepubliceerd)